12w84
Profiel van 12w84
algemene informatie
Naam:12w84
Leeftijd:57
Geslacht:man
Situatie:verliefd
Beroep:seksuoloog / coach
Opleidingsniveau:universiteit
Kinderen nu:1
Land:Netherlands

Chris Ladino

Ik: onafhankelijke en relaxte, apetrotse parttime papa, met het mooiste kind van 4 jaar van de hele wereld (op dat van jou na natuurlijk), en de allerexte ex van de hele wereld (op die van jou na natuurlijk). Gelouterde, tikje avontuurlijke, cultuurminnende laatbloeier.

Jij: ongecompl...pardon, niet al te gecompliceerd medemens, in bezit van brains en babbels. Ik ben niet op zoek naar een relatie, wel naar contacten met 'common interest': kamperen, wandelen,...

Blogs

Op de Ziel - concurrentie in de liefde

30-11-2011 16:14
Gisteravond ben ik met een goede vriendin naar ‘Op de ziel’ uitgevoerd door het Zuidelijk Toneel geweest. Een briljant theaterstuk over de vage grens tussen begrip en onbegrip, concurrentie in de liefde, waan en werkelijkheid. Een stuk waarin rivalen in de liefde naar elkaar toegroeien omdat zij de enigen zijn die hun gevoelens voor dezelfde man echt kunnen begrijpen. Waarin natuurlijke loyaliteiten worden beproefd door gelegenheidscoalities. Een stuk waarin - ook al lijkt alles bij het oude te blijven –aan het eind relationeel niets meer hetzelfde is en niets blijkt te zijn wat men dacht dat het was.

Voor ik er naar toe ging had ik op MAD een column gelezen over concurrentie, die door mijn hoofd spookte. De schrijfster ontkende in feite het bestaan van concurrentie, het zou alleen bestaan als je er in gelooft. Zowel zakelijk als in privérelaties. Concurrentie zou alleen bestaan bij gratie van angst en onzekerheid. Het ontkennen van concurrentie schept in deze filosofie ruimte voor zelfvertrouwen, vertrouwen in de ander en vervolgens rekenen (of hopen?) op een goede afloop.

'Op de ziel’ wordt gespeeld door drie mensen en handelt over vier mensen. De vierde komt nooit in beeld, hij is dood. Twee stellen. De vrouw van het ene stel heeft – ondanks een gelukkig huwelijk van tien jaar – al drie jaar een geheime relatie met de man van het andere stel. De vrouw van die man belt aan bij het huis de overspelige vrouw en confronteert haar en haar man met de dood van haar man, de minnaar van de andere vrouw. Er ontstaat een intrigerend steekspel van woorden, aanvankelijk onderkoeld, maar gaandeweg scherper en meer geëmotioneerd, waarbij je ademloos toekijkt terwijl je sympathie telkens wisselt.

De weduwe blijkt een vilein kreng die de pijn van de minnares waar ze maar kan versterkt, ook als ze daarvoor moet liegen dat ze barst. Maar ze is ook kwetsbaar in haar eindeloze verdriet. De minnares liegt en konkelt om haar verantwoordelijkheid te ontwijken, maar stikt in haar eenzame rouw, die ze niet kan delen; immers, ze ‘bestaat niet’. De man lijkt hulpeloos, maar gaandeweg komt tot uiting wat hij al jaren voor zich houdt: ook zijn vrouw heeft concurrentie, zij het in andere vorm. Hij fantaseert en gaat mentaal vreemd. De weduwe en de minnares blijken toch mensen met compassie en nu en dan vinden de twee vrouwen elkaar in hun liefde voor dezelfde man en hun ergernissen over hem op dezelfde punten.

De minnares: ’Mijn liefde voor mijn man werd er niet minder door, ook niet meer. Het ging zo makkelijk, houden van twee mannen. Als ik het zo makkelijk kon zonder iemand pijn te doen, dan kon het toch niet fout zijn?’ De weduwe op de vraag of zij, als zij niet had geweten dat haar overleden man een minnares had, het idee zou hebben gehad dat zij tekort zou zijn gekomen: ’Nee!’.

Na afloop zaten we aan een tafeltje in het theatercafé. Er ontstond een gesprek over eerlijkheid en concurrentie in relaties. Over de angst je partner te verliezen of juist de zekerheid dat je dat nooit zal gebeuren. Ik vertegenwoordigde de laatste categorie: ik was er jaren van overtuigd mijn partner nooit te verliezen en verloor haar aan een vriend. In één klap dubbel getroffen.

De vrouw tegenover me vertegenwoordigde zowel de bedrogen partner als de minnaressen. ‘Ik heb al zoveel mannen vreemd zien gaan, ik geloof niet meer in relaties zonder concurrentie’. Haar credo was dat het nu eenmaal voor kwam dat je op een ander kon vallen en dat dit onvermijdelijk was. ‘Als je er maar eerlijk over bent’, zei ze. ‘Moet je altijd eerlijk zijn?’, vroeg ik me af. Daar twijfelde ik over. ‘In mijn praktijk zie ik regelmatig mensen die hun vreemd gaan alsnog willen delen met hun vaste partner, vaak als de affaire al voorbij is. De vraag is waarom? Om hun schuldgevoel te verminderen? En wie heeft daar dan baat bij?’

Ik vertelde haar over de column en de filosofie van de collega schrijfster. Hier waren we het snel eens: het ontkennen van concurrentie is net zo’n kunstgreep als proberen een breuk of vreemdgaan van je partner te vermijden door je jaloerse impulsen te volgen en overcontrolerend te zijn.

Concurrentie in de liefde bestaat natuurlijk wel, net zoals het zakelijk ook bestaat. De survival of the fittest is een evolutionair gegeven. Ik wil liefde en seksualiteit niet devalueren tot evolutionaire begrippen, daarvoor ben ik - zoals vriendin Nathalie ooit opmerkte - te zeer een ‘romantische oude dwaas’. Maar een tikje concurrentie kan dat eigenlijk kwaad? Bedrijven groeien er van.…

Blijf ik worstelen met een andere vraag na dit toneelstuk: hoe ervaren de geheime minnaressen en minnaars de dood van hun geliefde? Eenzaamheid is erg, eenzaamheid in een relatie is erger, maar eenzaamheid in je verdriet om een dode relatie…

Voor de speellijst van Op de ziel, het Zuidelijk Toneel zie: www.hzt.nl

Maria, Sinterklaas en Spiderman

12-11-2011 13:15
"Papa? Sinterklaas komt er aan, hè? Met de boot, hè?"
"Inderdaad. Met veel Zwarte Pieten."
"Uit Spanje! Daar woont hij in de kerk. Met Maria!"
"Met Maria?!"
"Ja papa, met Maria. Sinterklaas woont in de kerk en Maria onder de klok!"
"Onder de klok? Oh, enne, maakt dat niet veel lawaai voor haar als de klok slaat?"
"Nee hoor, ze heeft kroketten in haar oren."
"Wat?!? Kroketten?"
"Ja, dat zegt mama als ik niet kan horen wat zij zegt."
"Je bedoelt als je niet luistert?"
"Ja. En Maria luistert ook niet!"

Nu wil ik toch het naadje van de kous weten. Die onbevlekte ontvangenis van Maria heb ik altijd al met een korrel zout genomen. Maar mijn zoon groeit op in twee huizen: met een vrijwel agnostische vader en een conservatieve katholiek als moeder. Tegen de rituelen en verhalen van de kerk van zijn moeder kan en wil ik niet op. Hier verliest de agnosticus het van de magische wereld van het kind. Niet erg, maar laat ik toch eens wat verder vragen…

"Dus Maria woont onder de klok Chris, in de kerk van Sinterklaas. En Zwarte Piet dan? Waar woont die?"
"Bij mama! En hij heet Stanley en hij is heel sterk! En hij is niet geverfd en echt heel sterk!"

Verdomd! Ze heeft toch weer een vriend! Vast die exotische hunk die laatst naar buiten kwam toen ik Chris te vroeg ophaalde. Waarom zègt ze dat niet gewoon?

"Mama moet hem opwinden." (ik verslik mij in mijn koffie)
"En dan gaat hij grommen en wiebelen." (dat geloof ik graag)
"Hij heeft een sleuteltje." (zie je wel!)
"In zijn rug."
"In zijn rug?! Heeft hij een sleutel in zijn rug? Hoe groot is Stanley?"
"Zo groot." (hij geeft een centimeter of dertig aan)
"Hij woont bij het bed op het kastje."

Ik grijns betrapt. Stanley is een zwarte speelgoedbeer met opwindmechaniek, die wij altijd plagend Zwarte Piet noemden en die met zijn armen kan zwaaien…

"Papa? Maria heeft een baby."
"Ja jongen, ik weet het, Jezus. Dan zal Sinterklaas wel de papa zijn, hè?" (even vals doen)
"Neeeeej! Die kan dat niet!"
"Sinterklaas is niet de papa? Waarom niet?"
"Die is veel te oud. Bijna net zo oud als papa." (eigen schuld, boemerang effect)

"Enne, waar woont Jezus dan? Ook in de kerk?"
"Nee, bij de Paashaas!" (kijk, DAT lijkt er meer op!)
"Bij de Paashaas… ik had het kunnen weten! Maarre, waar is dat dan?"
"In zijn holletje. Lekker warm."

We zijn nu toch lekker bezig, dus:

"En de Kerstman dan?"
"Uhm…. die woont daar ook! Met Spiderman!"
"Bij de Paashaas? Gezellig lijkt me dat. Hebben ze een Kerstboom?"
"Ja en heeeeeeel veel chocla eien!"
"Je bedoelt chocolade-eieren."
"Ja. Is heel moeilijk woord."
"Chocolade-eieren?"
"Ja, chocolade-eieren. Kan ik niet zeggen."
"Wat niet?"
"Chocolade-eieren."

Stilte....

"Papa?"
"Ja, jongen…"
"Wie was er eerst? Jezus of Christus?"

Heer, mogelijk bestaat u niet, maar voor het geval dat: help!


menu
 
rss feed blogs
Blogs

Favorieten

Favorieten (8)

Kathz (41)
Mad company
MADmoi (42)
Mad company
Lydia (45)
Mad company
Nadieh (34)
Mad company
Miss blue sky (46)
Mad company
Lizz (50)
Mad company
Seventyfive (36)
Mad company
Martin (43)
Mad company