
Laatst had ik het voorrecht om als figurant mee te doen aan een nieuwe Nederlandse film: The Neanderthaler Code. In de jaren 30 van de vorige eeuw schijnen een handvol biologen, antropologen en stamboomdeskundigen in het diepste geheim onderzoek gedaan te hebben naar een bloedlijn die zo´n 110.000 jaar terug in de tijd gaat en begint bij Olrek Bedo, een soort van stamvader van de Homo Erectus.
Voor de opnames moest ik naar Oldebroek. Een idyllisch dorpje op de Veluwe van ongeveer 23.000 inwoners. Een paar dagen voor de opnames besloot ik die kant al op te gaan, omdat ik me een beetje wilde inleven in m´n rol als voorbijganger: Lubbert 03. Ik had via internet een bed & breakfast geboekt en na aankomst wilde ik de omgeving wat verkennen. Ik vroeg aan m´n gastvrouw of er nog wat te doen was in de buurt. “M sgien s d Stee wa vooroe.” Gelukkig had ik m´n Wat & Hoe Oldebroek vertaalboekje bij me en na een kwartier woordjes zoeken, een spelletje Hints en een stuk of wat gele memoblaadjes met rebussen en rotsschilderingen wist ik wat ze bedoelde: De Stee, daar moest ik zijn.
Het was blijkbaar niet zo ver van m´n onderkomen vandaan en na een kwartiertje wandelen zag ik inderdaad een soort van boerderij met 2 levensgrote koeien van papier-maché op ’t dak. Wellicht bedoeld als aas om de plaatselijke jeugd te lokken. En een rood uithangbord waarop met witte sierletters “Bar De Stee” was gekwast. Serieus, ik had nog geen half uur nodig om te snappen waarom juist Oldebroek de locatie voor de film was.
Allereerst de muziek. Alles was Nederlandstalig en van het niveau van verse koeienstront. Hits als “Schei Wi Dei” van Lammert en “Cheerio” van Mulder & Mulder lieten m´n trommelvliezen bijna van weerstand uit elkaar klappen.
Dan het publiek. Om zich tegen alle weersomstandigheden te beschermen droegen de meeste mannetjes iets wat op een shirt leek, een spijkerbroek en klompen. De vrouwtjes daarentegen zagen er wat feestelijker uit. Omdat de meeste vrouwtjes zichzelf hadden vetgemest om zich tegen alle weersomstandigheden te beschermen, hadden ze niet veel textiel nodig. Normaal gesproken zou ik dat niet erg vinden, maar in combinatie met de bewuste vetlaag … sluit je ogen en je weet hoe ik de zin zou kunnen afmaken.
Om de dorst te lessen werd er door de mannetjes bier gegoten. Met wat geluk werd er wat opgevangen, maar het merendeel werd met een hoop gegrom en klompengestamp over elkaar heen gegooid. Waarschijnlijk om een soort van territorium af te bakenen. De vrouwtjes hielden het wat beschaafder en dronken gewoon zoals ’t hoorde. Meestal een mengsel van cola en wat anders, bedoeld om de hormonen een boost te geven, zodat er geen drempelvrees zou zijn als een naar zweet en bier stinkend mannetje een poging deed om haar aandacht te trekken.
Het liefdesritueel. De mannetjes hadden maar één manier om de vrouwtjes over te halen tot het zogeheten brommers kiek´n: billen meppen. Als een “mannetje” zin had in wat vertier werd dat met een flinke mep op de billen van ’t vrouwtje duidelijk gemaakt. Soms met wat gegrom om het vrouwtje te laten merken wie er de baas was. Als ’t vrouwtje goedkeuring gaf of met tegenzin haar plaats wist, ging het koppel naar buiten om zich in alle rust te kunnen richten op de uiteindelijke happening.
Alles bij elkaar opgeteld kon ik eigenlijk maar één ding bedenken: The Neanderthaler Code was waar! Er is een bloedlijn die rechtstreeks loopt naar stamvader Olrek Bedo. En … wacht even .. nu zie ik het! Als je wat husselt met de letters van de naam Olrek Bedo … dan heb je OLDEBROEK. Met enige trots viel ik in slaap: ik had het mysterie opgelost, nog vóór de film uitgebracht was.
Deze column is opgedragen aan mijn beste vriendin uit de Veluwe: Suus. Als één van de eerste wist zij zich los te weken van het Veluws roedelgedrag en haar eigen weg te gaan.





