
Ik word wakker met bonzende hoofdpijn. Waar ben ik? Op de tast vind ik een lichtknopje. Ik kijk om me heen en zie een hotelkamer. Gelukkig, ik weet weer waar ik ben. Ik ga zo mijn koffer pakken en snel vergeten dat ik hier ooit was.
Het leek zo leuk toen mijn opdrachtgever belde voor een spoedklus. 'In Kopenhagen, alles is geregeld en je slaapt in Hotel Astoria. Dat verzin je toch niet! ' Nee inderdaad en ik wil nu dat hij het nooit verzonnen had.
De spoedklus kost weinig tijd en heb zo alle vrijheid om de stad te bekijken. In het centrum val ik middenin de Gayparade van Kopenhagen. De sfeer is geweldig en voordat ik het weet sta ik mee te feesten. Ik dans met onbereikbare mannen en het bier smaakt goed. Mijn blik valt op een man die verderop innig met een andere man danst. Ik denk even dat ik het niet goed zie maar de opvallende tatoeage op zijn arm laat geen twijfel mogelijk. De muziek hoor ik niet meer en mijn wereld is gestopt met draaien.
Het gevoel wat ik al jaren heb wordt hier onomstotelijk bevestigd. De man met de tatoeage is mijn ex. Die nu officieel op zakenreis naar Milaan is.
Opnieuw is getrouwd en nog een dochter heeft gekregen. Ik twijfel, de confrontatie eindelijk aangaan of voor altijd zwijgen.
Als in een trance loop ik naar hem toe en ga voor hem staan. Hij kijkt me aan en omhelst me. 'Je hebt dit altijd geweten en ik ben blij dat het eindelijk uitkomt.' Alle scenario's die ik bij dit moment bedacht heb komen voorbij. Geen van allen voldoet aan hoe ik me nu voel. Ik ruk me los en verdwijn in de massa.
De surrealistische ontmoeting op de Gayparade in Kopenhagen met mijn ex ligt
al enige weken achter me.
Voordat ik op de Gayparade beland bezoek ik Christiana, een hippiewijk in Kopenhagen. Een oase van rust in de stad. Nog rustiger is het in de meditatieruimte waar niemand anders is. Muisstil is het en ik geniet. Tot plotseling een deur openzwaait die ik niet had gezien. Een oude hippie, met fiets, loopt binnen. 'Hi I'm Kurt, yes, as in Kurt Cobain! Who are you?'
Kurt mediteert hier elke dag. En iedere dag wenst hij een miljoen. Een miljoen van wat dan ook. Vandaag wenst hij een miljoen gelukkige mensen. Kurt lacht van oor tot oor. ‘I believe in miracles Astoria, everyday. You should do that too. Have a nice day love, bye!’ Hij opent de andere deur en fietst het zonlicht tegemoet.
Ik hoop al langer op een wonder voor mijn ex. Ik gun hem het leven wat hij diep in zijn hart wil. Dat hij niet meer hoeft te vluchten in leugens. Vanavond gaan we eindelijk praten. Verdriet, boosheid, teleurstelling. Ik heb het allemaal weer gevoeld na de onverwachte ontmoeting. Terwijl ik het altijd geweten heb maar niet wilde zien. Ik ben niet boos op hem, ik heb met hem te doen. Ik denk na wat ik hem straks ga zeggen. Geen idee.
Terwijl ik de deur voor hem open doe herinner ik me Kurt. Het wonder waar ik op hoop is al gebeurd, dat besef ik me nu pas. Het is geen wereldwonder, wel is de eerste stap gezet.
Het wordt een mooie avond, no hard feelings meer. Dat ik al die tijd gelijk heb gehad is niet meer belangrijk. Huilen en lachen wisselen elkaar af. Als de 2e fles wijn op is nemen we afscheid. In aangeschoten toestand zeg ik tegen hem dat ik hoop dat hij ooit een leuke man vindt. En dan wens ik dat het een dameskapper is!
Kurt heeft gelijk, geloof elke dag in wonderen. Hoe klein ze ook zijn, als je ze wilt zien dan zijn ze er. Ze geven net dat stukje meer aan je dagelijkse leven.
Zien is geloven? Het zou zo maar kunnen dat geloven zien is. Think about it...
madastoria@gmail.com








